Uitgebreid zoeken

Geschiedenis van de migratie van gastarbeiders naar Nederland (1960-1967)

Geschiedenis van de migratie van gastarbeiders naar Nederland (1960-1967)

De komst van gastarbeiders naar Nederland (1960-1967)

Hoewel diverse grote bedrijven, zoals de mijnen, al eerder buitenlandse arbeiders naar Nederland haalden (vooral Italianen), begon de officiële werving van ‘gastarbeiders’ pas in 1961. De reden was dat bedrijven vanaf de vroege jaren vijftig onvoldoende ongeschoolde Nederlandse arbeiders konden vinden. Daardoor waren de lonen sterk gestegen en was de positie van de vakbonden aanzienlijk versterkt. Vele ondernemingen waren daarom al in de jaren vijftig begonnen met het vervangen van arbeiders door machines. Het aanbod van ongeschoolde Nederlanders daalde echter nòg sterker en dat vormde de reden om gastarbeiders te gaan werven. Eerst in landen aan de noordkust van de Middellandse Zee (Spanje, Italië. Griekenland, later ook Joegoslavië), maar door de grote concurrentie van landen als Duitsland, Frankrijk en België, ook al snel in het Oosten (Turkije) en Zuiden (Marokko). Het idee was dat het bedrijfsleven het voortouw zou nemen bij het selecteren van (voornamelijk mannelijke) ongeschoolde arbeiders en dat deze slechts tijdelijk in Nederland zouden blijven. Door de grote vraag naar dit soort arbeiders bleek de officiële werving al snel onvoldoende en nam het aantal afgegeven vergunningen aan gastarbeiders die ‘spontaan’ naar Nederland kwamen vanaf 1963 sterk toe. Na een korte dip, door de recessie in 1967, steeg het aantal geworven en spontane gastarbeiders in 1968 weer razendsnel. Wel zien we dat de overheid vanaf dat moment meer controle wilde houden, met als gevolg dat het aantal spontane migranten afnam. In 1968 werd het namelijk verplicht om een ‘voorlopige machtiging tot voorlopig verblijf’ (MVV) in het buitenland aan te vragen bij een Nederlandse ambassade of consulaat. Pas als bleek dat er plaats was op de Nederlandse arbeidsmarkt, mocht een nieuwe gastarbeider komen. Veel werkgevers vonden die procedure veel te tijdrovend en gingen daarom op grote schaal illegalen, een nieuwe fenomeen, aannemen. Hun aantal liep snel op tot zo’n 20.000 begin jaren zeventig. In 1973 werd de werving gestopt en kwam er een restrictief vreemdelingenbeleid voor in de plaats. Uiteindelijk zouden er met de regularisatie van illegalen in 1975 nog circa 15.000 extra gastarbeiders een verblijfsvergunning krijgen.

Bronnen:
Heijke, J. A. M., Sociaal-economische aspecten van gastarbeid (Rotterdam 1979).

Groenendael, T. van, Dilemma's van regelgeving. De regularisatie van illegale buitenlandse werknemers 1975-1985 (Alphen aan den Rijn 1986) p. 59.


MondriaanstichtingVSB-fondsSNS ReaalPrins Bernard CultuurfondsOC&WVROM