Uitgebreid zoeken

Migratie van Surinaamse Nederlanders in cijfers (1967-2010)

Migratie van Surinaamse Nederlanders in cijfers (1967-2010)

Bekijk een grotere versie van deze tabel (.pdf)

De immigratie en emigratie van in Suriname geboren personen (1950-2010)

In de jaren '50 was de Surinaamse migratie van en naar Nederland min of meer in evenwicht. Ieder jaar kwamen er honderden studenten, verpleegsters, leraren en arbeiders naar Nederland, maar er vertrokken er ook bijna net zoveel weer. Vanaf begin jaren '60 ontstaat er een positief migratiesaldo, met meer immigranten dan emigranten. Toen begin jaren '70 duidelijk werd dat Nederland de staatkundige afhankelijkheid versneld wilde doorvoeren nam vanaf 1973 spectaculair toe met als piek bijna 40.000 Surinamers die in 1975, het jaar van de onafhankelijkheid het vliegtuig naar Nederland besloten te nemen. Vooral omdat men weinig vertrouwen had in de nieuwe staat, die door etnische tegenstellingen tussen Creoolse en Hindostaanse Surinamers werd geplaagd. Na een even snelle daling in de jaren 1976-1978 zien we een tweede immigratiegolf in 1979 en 1980, toen het vrije migratieregime tussen Nederland en Suriname werd beëindigd en er een visumplicht voor in de plaats kwam. Voordat het zover was besloten bijna 40.000 Surinamers naar Nederland te vertrekken voordat de deur voorgoed zou worden gesloten. Overigens bleef die deur op een ruime kier staan (onder meer door de staatsgreep onder leiding van Desi Bouterse) en werden vooral in de eerste helft van de jaren negentig nog meer dan 30.000 personen toegelaten.

Door de positieve migratiebalans in de afgelopen 40 jaar wonen er in 2010 ruim 185.000 in Suriname geboren Nederlanders en bijna 157.000 nakomelingen (tweede generatie). In totaal gaat het bij de groep Surinaamse Nederlanders dus om zo’n 342.000 personen.

Bron: CBS, Statline


MondriaanstichtingVSB-fondsSNS ReaalPrins Bernard CultuurfondsOC&WVROM