Uitgebreid zoeken

Mijn Noorse achtergrond

Ik ben op 4 mei 1947 in Rotterdam geboren. De zee en de haven spraken als jongetje erg tot mijn verbeelding. Ik droomde ervan om te gaan varen, net als opa en mijn Noorse overgrootvader. Ik oefende vaak in de tram met losse handen om zeebenen te krijgen. Helaas bleek op elfjarige leeftijd dat mijn ogen te slecht waren om te varen.

Toch heb ik niet echt veel met mijn Noorse wortels. Ik ben het enige familielid dat niet naar de Noorse kerstmarkt in de Noorse kerk gaat. Ik kan me niet verplaatsen in mensen die zo bezig zijn met hun roots. De rest van de familie heeft meer binding met de Noorse achtergrond gehouden. Ze geven bijvoorbeeld nog steeds de namen van de vader door. Er zijn heel veel Egberts, Johannesen en Jurgens in de familie, heel lastig op feestjes! Ook mijn vader is nog wel eens met een broer naar Noorwegen geweest. Ze zijn naar de boerderij van de Noorse familie gegaan, maar hebben hun verre familieleden niet echt opgezocht. Wel hebben ze zich in de plaatselijke kroeg een stuk in hun kraag gedronken. Dat is dan misschien wel weer typisch Noors.

Als kind werd ik wel eens gepest met mijn Noorse achternaam. Bijvoorbeeld als er weer dronken Noren over straat liepen - wat vaak voorkwam met Noorse scheepslui uit de haven -  dan werd ik in de straten nagejouwd door leeftijdgenootjes. En toen eens in de geschiedenisles werd verteld hoe de Vikingen de havenstad Dorestad plunderden, werd ik uitgejoeld. Terwijl ik het enige kind met zwart haar was, en mijn leeftijdgenootjes met hun blonde haren eigenlijk veel meer leken op de Vikingen!

 


MondriaanstichtingVSB-fondsSNS ReaalPrins Bernard CultuurfondsOC&WVROM