Uitgebreid zoeken

1900-1930

In de eerste twintig jaar van de twintigste eeuw emigreerde een groot aantal Italianen naar Noordwest-Europa. Economische motieven speelden hierbij een belangrijke rol. Veel arme boeren uit Noord-Italië verdienden te weinig om fatsoenlijk te kunnen leven en trokken daarom noordwaarts. In eerste instantie was het Ruhrgebied het reisdoel. Vanwege de Eerste Wereldoorlog, en daarop volgend, de economische crisis in Duitsland trokken veel Italianen echter weer weg uit het Ruhrgebied. Sommigen keerden terug naar Italië, maar een groot deel probeerde werk te zoeken in de mijnen in Noord-Frankrijk en België. Toen eind jaren ’20 ook daar de economische situatie verslechterde trokken veel Italianen naar Limburg, vooral naar Heerlen. Daar waren de mijnen moderner en was er nog genoeg werk tegen goede lonen. Aan het begin van de jaren ’20 waren er maar enkele tientallen Italianen in Limburg. Dit aantal groeide naar zo’n 250 in begin jaren ’30.

De mijnwerkers werden door hun werkgever vaak gedwongen om in kolonies te wonen. Daar woonden alle Italiaanse mijnwerkers bij elkaar tegen vaak hogere huurprijzen dan huizen buiten de kolonies. Daarnaast was er weinig contact met Italianen uit andere beroepsgroepen. De kleine groep terrazowerkers in Limburg was een vrij besloten groep en stond hoger op de sociale ladder dan de vaak ongeschoolde mijnwerkers.


MondriaanstichtingVSB-fondsSNS ReaalPrins Bernard CultuurfondsOC&WVROM