Uitgebreid zoeken

Wet op het Nederlanderschap 1892

Wet op het Nederlanderschap 1892

Met deze wet werd het Nederlanderschap primair verkregen door afstamming. Voortaan kregen alleen kinderen van Nederlandse vaders (en natuurlijke kinderen van Nederlandse moeders) de Nederlandse nationaliteit. Wie ná juli 1893 werd geboren, kreeg de nationaliteit van de vader. Dat betekent dat verschillende generaties nakomelingen van immigranten alleen Nederlander konden worden door naturalisatie. Er werd een uitzondering gemaakt voor kleinkinderen van immigranten die anders statenloos zouden zijn. Zij kregen de Nederlandse nationaliteit. Vanaf 1953 kreeg de 'derde generatie' weer automatisch de Nederlandse nationaliteit. De inheemse bevolking van Nederlands-Indië werd uitgesloten van het Nederlanderschap. De koloniale bevolking van Suriname en Curaçao bleef na 1892 Nederlander.

Staatsblad 1892,  nummer 268.


MondriaanstichtingVSB-fondsSNS ReaalPrins Bernard CultuurfondsOC&WVROM