Uitgebreid zoeken

Dienstbodes

Tussen 1920 en 1940 kwamen er bijna 200.000 buitenlandse vrouwen naar Nederland om hier als dienstbode te werken. De meesten bleven maar kort en er was een groot verloop, maar op het hoogtepunt begin jaren '30 verbleven er wel 30.000. De grote meerderheid kwam uit Duitsland, een klein deel uit Oostenrijk, Tsjecho-Slowakije en Joegoslaviƫ. De Randstad trok de meeste dienstbodes aan. In steden als Amsterdam, Den Haag, Haarlem en Hilversum woonden grote aantallen Duitse dienstbodes. Zij kwamen naar Nederland omdat Duitsland er na 1918 slecht aan toe was en veel mensen werkloos waren. In Nederland was volop werk voor dienstbodes. Dit beroep was bepaald niet populair onder Nederlandse vrouwen. Zij werkten liever in een fabriek of winkel waar ze meer verdienden en meer vrijheid hadden. Buitenlandse dienstbodes werden daarom met open armen ontvangen. Tienduizenden van hen zijn met Nederlandse mannen getouwd waardoor ze automatisch de Nederlandse nationaliteit kregen en een Nederlandse achternaam, en als immigranten grotendeels onzichtbaar zijn gebleven.

Dienstbodes

Dienstpersoneel in Nederland komt al eeuwen voor een deel uit het buitenland. In de welvarende Republiek in de 16de eeuw was de vraag van welgestelden naar bedienend personeel veel groter dan waaraan de Nederlandse meisjes en jonge vrouwen konden voldoen. Migranten zagen de mogelijkheden en bijvoorbeeld Noorse dienstmeisjes vertrokken voor een bepaalde periode, soms enkele jaren, naar Amsterdam. Zoals de ophanging van Elsje Christiaens laat zien, kwamen dienstmeisjes ook uit Duitsland. Het aantal Duitse dienstbodes zou aan het eind van de 19de eeuw toenemen om zich vooral aan het begin van de 20ste eeuw zeer sterk uit te breiden. Tot aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog hebben honderdduizenden jonge Duitse vrouwen enige tijd in Nederland gewerkt. Een deel van hen huwde een Nederlandse man en keerde niet naar het vaderland terug. Onder de in Nederland werkzame dienstbodes bevonden zich ook andere nationaliteiten, zoals Oostenrijkse vrouwen. In de tweede helft van de twintigste eeuw verschoof het herkomstgebied van dienstpersoneel van Europa naar Azie, Afrika en Zuid-Amerika. Bij voorbeeld al dan niet illegaal in Nederland verblijvende Braziliaanse of Fillippijnse hulpen in de huishouding is een normaal verschijnsel geworden.


MondriaanstichtingVSB-fondsSNS ReaalPrins Bernard CultuurfondsOC&WVROM