Uitgebreid zoeken

Hoe zet je een Spoorzoekersproject op

  • Maak gebruik van de planningen, instructies en ander materiaal van bestaande projecten van andere scholen [zie map ‘Materiaal docenten’]
  • Begin klein, met één klas of enkele leerlingen...

Het is niet per se nodig familieleden te interviewen, al zullen de meeste leerlingen met een migratie-achtergrond daar het eerst voor kiezen.

Dat hangt af van de vorm die je voor het project kiest (zie de overige kopjes ).

Er lijkt een duidelijke relatie te bestaan tussen de kwaliteit van de werkstukken en kennis van de historische context van tijd en plaats van herkomst en van Nederland in de tijd van aankomst.

Het verzamelde materiaal laten opnemen in bijvoorbeeld het gemeentearchief kan om verschillende redenen de moeite waard zijn. Het kan:

Ons advies is om de (geluids-)opname van het hele interview te laten inleveren met uitleg waar drie belangrijke fragmenten staan.

Spoorzoekersprojecten kennen een grote rijkdom aan leerdoelen; we bereikten meer leerdoelen dan we aanvankelijk dachten.

Migratieprojecten zijn mogelijk van één dag (zie het voorbeeld van het literatuurproject in klas 4 van Haganum) tot enkele maanden.

Spoorzoekersprojecten zijn geschikt voor alle leerjaren en alle niveaus van het VO.

Spoorzoekersprojecten leveren veel interessant materiaal op.

Bij dit project worden verschillende vaardigheden aangeboord, die ook bij andere vakken aan bod komen en moeten worden ontwikkeld.

Elk project - ook een Spoorzoekersproject - vergt voorbereiding waarbij een aantal beslissingen moet worden genomen. Hieronder volgen enkele suggesties en tips:

Het kan zinvol zijn om de leerlingen enigszins aan te sturen in de thema’s die ze met de geïnterviewde bespreken. Dat kan afhangen van de mate van autonomie die de leerlingen aankunnen.

In het drukke examenprogramma voor geschiedenis in de bovenbouw van HAVO en VWO lijkt het lastig voor een Spoorzoekersproject voldoende ruimte te maken.


MondriaanstichtingVSB-fondsSNS ReaalPrins Bernard CultuurfondsOC&WVROM