Uitgebreid zoeken

wervingsverdrag

De Nederlandse werving in Spanje begon in februari 1961. Twee maanden later sloten beide landen een officieel wervingsverdrag. Het was de Spaanse regering die de gebieden aanwees waar geworven mocht worden. Inwoners van die streken konden zich inschrijven bij plaatselijke arbeidsbureaus en werden opgeroepen als er een selectieteam van een Nederlandse bedrijf langskwam. Geselecteerde arbeiders kregen vervolgens een paspoort en vertrokken op kosten van hun nieuwe werkgever naar Nederland. Bij de werving van Spanjaarden stelde Nederland niet langer als eis dat de buitenlandse werknemers ongehuwd moesten zijn. Er bleken namelijk niet genoeg ongehuwde Spanjaarden te zijn die in Nederland wilden werken. Nadat de gastarbeiders zich hadden gevestigd in Nederland, volgde soms hun echtgenote. De vrouwen kwamen op een toeristenvisum en vonden ook zelf werk, bijvoorbeeld in fabrieken. Dit leidde in het begin wel tot problemen, waarover destijds zelfs Kamervragen zijn gesteld. Overigens kwamen er ook Spanjaarden buiten de wervingen om naar Nederland.

Sommige Turkse migranten werkten eerst in Duitsland en kwamen daarna naar Nederland. In 1964 sloot ook Nederland een wervingsverdrag met Turkije, waarna Nederlandse selectieteams zelf op zoek gingen naar arbeiders in Turkije. Turken meldden zich bij het plaatselijke arbeidsbureau, dat de officiĆ«le registratie en de uitzending van Turkse werknemers regelde. Hier vond ook de keuring door Nederlandse bedrijven plaats. Ali herinnerde zich zijn angst voor een afkeuring: "De selectie was moeilijk. Je was ontzettend opgewonden. Ga ik wel of niet naar Nederland, dat ging steeds in je hoofd om." Het permanente selectiebureau van Nederland in Ankara, Hollanda Irtibat BĆ¼rosu, regelde de verdere procedure. De eerste werving richtte zich op geschoolde arbeiders uit de stad. Later verschoof de aandacht naar het binnenland, waar vooral ongeschoolde Turken woonden. Als in een bepaalde streek of gebied een werving succesvol was verlopen, keerden Nederlandse bedrijven vaak terug voor een vervolgwerving.


MondriaanstichtingVSB-fondsSNS ReaalPrins Bernard CultuurfondsOC&WVROM